Kleine overwinning: dansen met demonen

Ze ontwaakt in een schemerige ruimte. Het is er kil, de grond is vochtig, de lucht is ijl. Haar mond is droog en haar hart gaat als een bezetene tekeer. De bedompte geur van afkeuring en angst vullen de ruimte.

 

Niet ver bij haar vandaan staat iemand; doodstil, met haar rug naar haar toegekeerd. Ze ziet het: die persoon is de bron van de benauwende geur van afwijzing.

 

Ze staat op. Even is het zwart voor haar ogen, het duizelt haar. Dan, als ze haar evenwicht heeft hervonden, beweegt ze in de richting van de stille persoon. Hoe dichter ze haar nadert, hoe ijler de lucht. Ze wordt licht in haar hoofd, maar haar geest jaagt; jaagt op houvast, lucht, ademruimte. Jaagt op controle en bevestiging. Jaagt op antwoorden.

 

Ze vuurt de vragen op haar af. Ogenschijnlijk tactisch en doordacht, bedoeld om haar te begrijpen. In wezen vertwijfeld en bang, bedoeld om zichzelf gerust te stellen.

 

En dan ziet ze mij. Ik sta tegen de muur van de ruimte geleund en heb al haar bewegingen gevolgd. Ze rent naar me toe en begint wanhopig aan me te trekken. Ze smeekt me: of ik niet kan helpen, vragen stellen, meedenken. We willen toch weer rustig worden? Dat willen we toch allebei? Dan kan ik toch nu met haar meekomen? Want samen staan we sterker…

 

Maar ik schud mijn hoofd. `Ik weet wat je wilt┬┤, fluister ik terwijl ik haar haren streel, `Ik weet wat jij denkt nodig te hebben, maar daar help ik mezelf niet mee. Ik heb iets anders nodig. En jij ook.┬┤ Deze keer doe ik niet mee.

 

Ik omarm haar, geef een kus op haar voorhoofd en keer naar binnen. Ik zal mezelf stilte brengen. Sluit mijn ogen, concentreer me op mijn ademhaling. Langzaam inademend vult mijn lichaam zich met kalmte. Op iedere uitademing voegt de kalmte zich, bekleedt ze mijn wezen. En met iedere ademhaling wordt het kleed dichter, en mijn wezen stiller.

 

Inademend… uitademend… inademend… uitademend…

 

De tijd verstrijkt.

 

Als ik mijn ogen open ligt ze met gesloten ogen opgekruld op de grond. De andere persoon is weg. De ruimte is schemerig, aangenaam en veilig. Ze ademt rustig, haar gelaat ontspannen. Ze slaapt weer. En naast haar zit de godin. Haar handen op de schouder van het spookje op de grond, haar ogen op mij gericht. Haar blik straalt vertrouwen, liefde en rust uit.

 

Een energieke vreedzaamheid vervult mijn wezen. Ik voel me krachtig en vol vertrouwen. Dit was de juiste manier. Ik dans met mijn demonen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.